Een stem uit het Rampjaar 1672
Onze conservator Jeroen Punt heeft een bijzondere aanwinst verworven voor onze collectie! Het gaat om het boek ‘Franse, Engelse, Keulse, Munsterse en Nederlandse oorloge; ofte een pertinent verhael / van het begin en voortgank der Nederlandse beroerten’. Het is geschreven door Jacobus Konynenberg, een bekende 17e- en 18e-eeuwse boekhandelaar, uitgever en auteur die was gevestigd in Amsterdam. Dit boek werd gedrukt in 1673. Het werk geeft een journalistiek verslag over de aanval op de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden in 1672 – het jaar dat de geschiedenis is ingegaan als het Rampjaar.
Aanval op de Republiek
In 1672 werd de Republiek aangevallen door Frankrijk, Engeland en de twee Duitse bisschoppen van Münster en Keulen. De Franse koning beschouwde de Republiek als een grote rivaal die de Franse expansie (uitbreiding) in de weg zou staan. De Engelsen wilden op hun beurt de welvarende concurrerende Nederlandse zeehandel de kop in drukken. De twee Duitse bisdommen werden door Frankrijk financieel en militair gesteund, wat deelname aantrekkelijk maakte. Daarnaast hoopten zij delen van Groningen en Overijssel te veroveren en in te lijven.
Een verslag van het moment zelf
Wat het verworven boek zo bijzonder maakt, is dat Konynenberg het schreef terwijl de strijd nog bezig was. Konynenberg neemt je als lezer mee naar het moment waarop de eerste berichten binnenkomen over Franse soldaten die de grens overstaken. Hij beschrijft de paniek in steden en dorpen en de politieke onrust in Den Haag. Het is dus geen terugblik op een historische gebeurtenis, maar een verslag van het moment zelf. Met dit werk krijgen we een zeldzaam inkijkje in hoe men op dat moment de dreiging ervoer.
Een kwetsbaar land
Belangrijk aan het werk van Konynenberg is de manier waarop het de kwetsbaarheid van de Republiek blootlegt. Decennialang had de Republiek zich ontwikkeld tot een economische en maritieme grootmacht, maar in 1672 bleek het militair en politiek diep verdeeld. Ook was het leger slecht voorbereid op een grootschalige invasie. Konynenberg schrijft hierover met verbazing en bezorgdheid. Hij laat zien hoe snel het vertrouwen in de overheid veranderde in woede en wanhoop.
Herstel
Uiteindelijk wist de Republiek zich te herpakken. De Hollandse Waterlinie bleek een belangrijk redmiddel. Door polders gecontroleerd onder water te zetten (inundatie), werd het land onbegaanbaar voor vijandelijke troepen: te ondiep voor boten en te modderig voor soldaten, paarden en voertuigen. Het Franse leger werd hiermee gestopt. De Nederlandse vloot bleef op haar beurt, onder leiding van Michiel de Ruyter (1607-1676), ijzersterk. De zeeslagen tegen Engeland werden gewonnen. Met de Vrede van Nijmegen in 1678 kwam er een einde aan deze oorlog.
Een directe bron
Voor het Nationaal Militair Museum is dit boek een waardevolle aanwinst. Het is niet alleen een zeldzaam 17e eeuws drukwerk, maar vooral een directe bron over hoe oorlog voelt voor gewone mensen. Ook biedt het ons een link met de huidige tijd. Toen Rusland in februari 2022 Oekraïne binnenviel, gebeurde er iets vergelijkbaars. Ook daar werd een land plotseling geconfronteerd met een grootschalige inval. Ook daar zagen we paniek, vluchtelingen en een samenleving die zich snel moest aanpassen.
Wil je meer weten?
Lees de uitgebreide versie, geschreven door Conservator Jeroen Punt, voor meer verdieping.
Lees meer
"Met deze aanwinst krijgt het Rampjaar een stem die dichtbij komt. Het laat voelen hoe ingrijpend oorlog is — vroeger én nu." Jeroen Punt, Conservator